Bijdrage duidings­debat verkie­zings­uit­slagen


22 maart 2022

Voorzitter,

Allereerst willen wij alle gekozen partijen en alle 39 raadsleden feliciteren. Samen gaan wij de komende 4 jaar van Zaanstad een betere stad maken voor al onze inwoners. Tevens zijn wij verheugd met ons eigen mooie resultaat, want wij zijn verdubbeld! Daarvoor willen wij alle kiezers heel erg bedanken.

En toch, voorzitter. En toch.

  • Ondanks toenemend extreem weer, ook in landen waar we in NL meer verbondenheid mee voelen, zoals Australië, Duitsland en Canada, en zelfs in ons eigen land;
  • ondanks het zesde, zeer alarmerende rapport van het IPCC;
  • ondanks gestegen grondstofprijzen door mislukte oogsten – zoals van koffie;

kiezen in absolute aantallen niet heel veel meer Zaankanters voor groene partijen, zoals GL, Rosa, D66 en de PvdA of hun donkergroene anker Partij voor de Dieren. Veel van onze inwoners zijn er niet mee bezig, terwijl het een grotere bedreiging voor onze veiligheid is dan covid. We constateren dat het huidige college – waarin GL, ROSA, D66 en PvdA de meerderheid vormen - de urgentie niet heeft uitgedragen. In het afgelopen half jaar heeft het college tijdens raadsvergaderingen het woord ‘klimaat’ niet gebruikt, laat staan het woord ‘klimaatcrisis’. En keer op keer blijkt dat het college geen idee heeft van de kosten van het níet nemen van maatregelen om uiterlijk in 2030 klimaatneutraal te zijn. Raadsvoorstellen komen steevast zonder klimaatparagraaf en technische vragen hierover leveren ook nooit iets op. We roepen deze partijen op om de urgentie van de klimaatcrisis de komende periode veel serieuzer uit te dragen en keihard aan de slag te gaan met maatregelen om de bijdrage van Zaanstad aan klimaatverandering heel snel naar nul te brengen. Ook als ze in een college stappen. Het zou een harde voorwaarde moeten zijn, want anders kunnen deze partijen zich écht niet meer sociaal en groen blijven noemen.

Het is dus duidelijk, de uitdagingen voor de komende periode zijn groot. Op korte termijn kan de oorlog in Oekraïne leiden tot hoge inflatie en zelfs tot voedselschaarste in landen in het Midden-Oosten die van de Oost-Europese graanschuur afhankelijk zijn. Het scenario wordt daardoor steeds reëler dat de huidige vluchtelingenstroom slechts een begin is. Op dit moment gaat ruim de helft van de Europese granen en peulvruchten naar koeien, varkens en andere dieren in de vee-industrie. Als we die grond gebruiken om mensen rechtstreeks te voeden, kunnen we vier keer zoveel mensen voeden. We zullen daarom snel veel minder vlees moeten gaan eten en de veestapel terugbrengen om niet nog meer gemeenschappen te zien instorten door voedseltekorten. Dat het minder consumeren van vlees en zuivel ook nog positieve effecten heeft op onze gezondheid, het milieu, het klimaat en dierenwelzijn kan ook niet vaak genoeg en luid genoeg onder de aandacht gebracht worden van onze inwoners.

Op de iets langere termijn hebben we te maken met de al steeds verder escalerende klimaat- en biodiversiteitscrisis. De Partij voor de Dieren staat open voor samenwerking met elke partij die uitgaat van de huidige wetenschappelijke kennis over klimaatverandering en de urgentie van de klimaat- en biodiversiteitscrisis inziet. We hebben geen tijd te verliezen, in het belang van de veiligheid van jonge en toekomstige generaties.

Specifiek willen wij de POV feliciteren, maar ook een appel op ze doen. In het verkiezingsprogramma bagatelliseert de POV de invloed van de mens op klimaatverandering. We zien nu al de gevolgen van de klimaatcrisis en de kosten van sociale en economische schade worden alleen maar hoger als we niets of te weinig doen. De komende raadsperiode wordt beslissend voor of we in staat zullen zijn om jonge generaties voldoende te gaan beschermen. Hopelijk staat de POV niet alleen voor de veiligheid van ouderen, maar neemt het ook de veiligheid van jongeren serieus.

Voorzitter, wij denken dat de drie grootste partijen, namelijk de POV, PvdA en de VVD het voortouw zouden moeten nemen om tot een uitwerking van een bestuursmodel te komen. Ik noem hier expliciet niet het woord “coalitie”, omdat de grote tegenstellingen tussen partijen en het grote aantal partijen in onze raad een traditioneel model van coalitie en oppositie niet langer rechtvaardigt. Samenwerken op basis van wisselende meerderheden voorkomt dat een dichtgetimmerd coalitieakkoord - dat waarschijnlijk moeilijk tot stand kan komen - Zaanstad de komende vier jaar in gijzeling houdt. Ruimte voor goede ideeën ontstaat wanneer ook het college zijn best moet gaan doen om op onderwerpen een meerderheid in de raad te vinden. Dit maakt de vorm van samenwerking tussen fracties en college intensiever en daardoor komen we gezamenlijk tot betere besluitvorming.

Het vinden van een nieuw bestuursmodel is ook de reden dat wij het verstandig vinden om een onafhankelijk persoon aan te stellen als informateur die open staat voor de verschillende ideeën uit de raad op het gebied van samenwerking. De kosten willen we tijdens de informatiefase graag zoveel mogelijk beperken; dure externen hoeven daar wat ons betreft niet voor te worden ingehuurd.

Tot slot zijn wij geschrokken van de bijzonder lage opkomst. Elke vier jaar lijkt het opkomstpercentage verder terug te lopen en die trend moet in de komende periode echt gekeerd gaan worden. Uit onderzoek is gebleken dat een gebrek aan interesse en niet weten waarop te stemmen heel belangrijk zijn om thuis te blijven. Kortom, de raad moet relevanter worden voor de stad. Een van de manieren om dat te doen is door te professionaliseren. Raadsleden en steunraadsleden hebben niet alleen een hoge vergaderdruk, maar ook gaat er veel tijd zitten in allerlei administratieve taken en de organisatie. De griffie helpt natuurlijk, maar gegeven dat weinig raadsleden 40 uur in dit mooie beroep kunnen steken is er nog steeds een gat. Een duidelijk voorbeeld hiervan is dat het een zeldzaamheid is dat raadsleden met eigen initiatiefvoorstellen komen. Grote steden hebben daarom de fractieondersteuning geprofessionaliseerd door fracties eigen ondersteuning te geven. Raadsleden en steunfractieleden kunnen daardoor vaker met eigen raadsvoorstellen komen – die ook kwalitatief beter worden - én hebben daardoor meer tijd om inwoners daadwerkelijk te vertegenwoordigen en met ze in gesprek te gaan. Dat maakt het raadswerk leuker én het bevordert het contact met de stad. Wat ons betreft is deze nieuwe periode een goede reden om dus een impuls te geven aan de fractieondersteuning.

Dank.